Digitale autonomie: waar wachten we nog op?

In mijn eigen bubbel hoef ik niemand meer uit te leggen waarom digitale autonomie belangrijk is. Des te ontluisterender is de praktijk: er wordt veel over gepraat, maar weinig aan gedaan. Hoe komt dat?

We stellen geen andere eisen

We komen er regelmatig per ongeluk achter hoe alleen we staan. Zo zijn we op zoek naar software waarmee gebruikers eenvoudig verbeterwensen kunnen indienen en kunnen volgen wat er met die wensen gebeurt. Er is één veelgebruikte oplossing die met kop en schouders boven de alternatieven uitsteekt. De leverancier is Europees en de hosting vindt plaats binnen de EU. Tot zover goed nieuws.

De software blijkt te draaien op infrastructuur van een Amerikaanse cloudaanbieder. Hosting bij een Europese aanbieder is ook mogelijk, maar de leverancier kan dat niet voor één klant afzonderlijk instellen. Laat dat even doordringen: de Europese infrastructuur is beschikbaar, maar wij zijn volgens de leverancier de eerste potentiële klant die vraagt om een volledig Europese oplossing. Omdat verder niemand erom vraagt, heeft die aanpassing voor de leverancier geen prioriteit.

Zolang wij als afnemers geen andere eisen stellen, hoeven we niet te verwachten dat er iets verandert.

We laten het erbij zitten

In juni 2025 kondigde het Deense ministerie van Digitalisering een proef aan met Collabora, een open source-alternatief voor Microsoft Office. De verantwoordelijke minister presenteerde die als een belangrijke stap naar digitale onafhankelijkheid. Bij een succesvol verloop zou een bredere uitrol volgen.

Inmiddels blijkt de proef stilletjes te zijn beëindigd, zonder afgeronde evaluatie of plannen om deze te hervatten. Er waren problemen met onder meer de opmaak van documenten en het bijhouden van wijzigingen. Volgens Collabora zijn die problemen opgelost en is de proef stilgevallen door een reorganisatie van de overheid.

Over de beëindiging is zelfs politieke onenigheid ontstaan. De huidige minister stelt dat haar voorganger ervoor heeft gekozen de proef niet voort te zetten. Die reageerde op LinkedIn verontwaardigd: ze heeft het project helemaal niet stopgezet, maar juist verlengd.

Wij weten als geen ander welke problemen je tegenkomt als je een alternatief voor Microsoft Office uitprobeert. Niet alles werkt meteen zoals verwacht. Dat vraagt om doorzettingsvermogen: problemen onderzoeken, leren van de ervaringen en een weloverwogen besluit nemen over het vervolg. Van een overheid mag je bovendien verwachten dat ze daar openheid over geeft.

Als we onze ambities zo gemakkelijk uit het oog verliezen, hoe denken we dan ooit onze afhankelijkheden te doorbreken?

Iedereen wacht op iemand anders

De Autoriteit Consument & Markt onderzocht hoe Nederlandse energieleveranciers omgaan met hun afhankelijkheid van Amerikaanse cloudaanbieders. Het goede nieuws is dat digitale autonomie bij de meeste bedrijven op de agenda staat. Het slechte nieuws? Overstappen naar Europese alternatieven gebeurt nauwelijks.

De bedrijven zien allerlei bezwaren tegen overstappen. Het kost geld, bestaande systemen zijn nauw met elkaar verweven en het is maar de vraag of alternatieven dezelfde functionaliteit bieden. Opmerkelijk genoeg zijn de bedrijven die wél (deels) zijn overgestapt naar een Europees alternatief of eigen infrastructuur, positief over het resultaat. Ze zeggen er zelfs op vooruit te zijn gegaan in kosten, functionaliteit en flexibiliteit.

Nog opmerkelijker is dat veel bedrijven liever wachten tot andere energieleveranciers of de overheid het voortouw nemen. De ACM spreekt van een coördinatieprobleem. Maar er zijn dus al bedrijven die de stap hebben gezet, weten de andere bedrijven dat eigenlijk wel? En zo ja, waarom wachten ze dan nog?

Daarmee zijn we terug bij het begin. Leveranciers wachten op voldoende vraag van hun afnemers. Afnemers wachten tot andere organisaties het voortouw nemen. Zolang iedereen op elkaar blijft wachten, verandert er niets.